Samenvatting – Jezus is inderdaad de Zoon van God - Gefundeerd Geloof

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Samenvatting
Samenvatting – Jezus is inderdaad de Zoon van God
De Bijbel is veel meer dan een gewoon boek. Het is een verzameling van oude teksten geschreven door veertig mannen over een periode van vijftienhonderd jaar, waarvan verklaard wordt dat ze tezamen het complete Woord van God zijn. In dit deel hebben we een grote verzameling bewijzen en waarnemingen besproken die de Bijbel onderscheiden als een historisch betrouwbaar boek, onderbouwd door een groot aantal oudheidkundige manuscripten en (recente) archeologische ontdekkingen. De volgende bewijsstukken werden gepresenteerd:
 
Over de teksten van het Oude Testament
(1) Het vergelijken van de meer dan tweeduizend jaar oude Hebreeuwse oudtestamentische teksten gevonden in de Dode Zeerollen met de elfhonderd jaar oude masoretische teksten (die de basis vormen voor onze moderne Bijbels) toont nagenoeg geen verschillen. Dit geeft groot vertrouwen dat door de eeuwen heen de Bijbelse teksten met grote toewijding en nauwkeurigheid zijn gekopieerd en nauwkeurig bewaard zijn gebleven.
(2) De eerste vertaling van (tenminste een gedeelte van) het Hebreeuwse Oude Testament in het Grieks stamt uit de periode 285-270 v.Chr.. Er is geen zekerheid over wanneer de vertaling van het complete Oude Testament voltooid was, maar dit was zeker niet later dan 130 v.Chr.. Dit toont aan dat de boeken van het Oude Testament ten minste honderddertig jaar vóór de geboorte van Christus al bestonden. De kwaliteit van de Griekse vertaling (de Septuagint genoemd) is nogmaals een bevestiging dat de teksten door de eeuwen heen zorgvuldig werden gekopieerd.
(3) De canon (lijst van boeken) van het Hebreeuwse Oude Testament werd uiterlijk halverwege de tweede eeuw v.Chr. gesloten. De zogenaamde apocriefe boeken van het Oude Testament die onderdeel zijn van door sommige christenen gebruikte Bijbels (inclusief rooms-katholieken), waren geen onderdeel van de oorspronkelijke Hebreeuwse geschriften.
(4) Vanwege hun profetische inhoud is het auteurschap van de Pentateuch of Thora (de eerste vijf boeken in de Bijbel) en de boeken van Jesaja en Daniël onderwerp geweest van veel aanvallen van critici. Het auteurschap van de meeste oudtestamentische boeken kan niet feitelijk bewezen worden. Echter, een analyse van de inhoud van de boeken in relatie tot datgene wat bekend is dankzij de wereldlijke geschiedenis en archeologie, biedt een gedegen basis voor het vertrouwen dat de schrijvers die gewoonlijk worden geassocieerd met deze boeken ook daadwerkelijk de teksten hebben geschreven.
 
Over de teksten van het Nieuwe Testament
(1) Het bestaan van duizenden en duizenden oude manuscripten van het Nieuwe Testament maakt dit tot veruit het best bewaard gebleven geschrift uit de oudheid.
(2) In de bewaard gebleven correspondentie van de leiders van de vroege kerk zijn tienduizenden citaten en verzen uit het Nieuwe Testament terug te vinden. Dit geeft een additionele bevestiging voor de nauwkeurige overdracht van de tekst, een vroege datering voor het schrijven van deze teksten en de vroege acceptatie van deze evangeliën en brieven als Gods Woord.
(3) Een aantal verzen uit het Nieuwe Testament werden reeds in de eerste jaren van het bestaan van de christelijke gemeenschap gebruikt als geloofsbelijdenissen (credo’s genoemd) en bevestigingen van de opstanding van Christus.
(4) De officiële canon van het Nieuwe Testament werd pas in 397 n.Chr. vastgelegd. Echter, al rond het eind van de eerste eeuw werden alle evangeliën, Handelingen en de brieven van Paulus erkend en onderscheiden als de Schrift.
(5) De vier evangeliën en Handelingen maken geen expliciete aanspraken op auteurschap. Vroege en onbetwiste overleveringen, bevestigingen van de vroegchristelijke kerk en inhoudelijke analyse van de teksten geven echter solide aanwijzingen voor het auteurschap van Matteüs, Marcus, Lucas (die ook Handelingen schreef) en de apostel Johannes. Bovendien zouden Matteüs (met de achtergrond van een algemeen geminachte tollenaar), Marcus (die niet eens een apostel was) en Lucas (die niet eens een Jood was) niet hoog genoteerd hebben gestaan op een lijst van potentiële namen om aan verzonnen evangeliën toe te kennen.
(6) Analyse van de synoptische relatie tussen de eerste drie evangeliën tezamen met de vermelde details in de teksten en de datering van de oudste nog bestaande manuscripten toont aan dat deze documenten gedurende het leven van de apostelen en andere ooggetuigen zijn geschreven.
(7) Bijna de helft van het Nieuwe Testament bestaat uit dertien brieven die geschreven zijn aan diverse gemeenten. Al deze brieven maken er expliciet aanspraak op geschreven te zijn door de apostel Paulus. Deze aanspraken en de datering van deze werken uit de periode 50-65 n.Chr., ongeveer twintig tot dertig jaar na de opstanding, zijn niet aan serieuze kritiek onderhevig.
 
Archeologie, geschiedenis en andere waarnemingen
(1) Door de eeuwen heen, en met name gedurende onze generatie, zijn er veel andere documenten ‘ontdekt’ die door sommigen als ‘verloren’ en ‘nieuwe’ zelfs ‘meer betrouwbare’ evangeliën worden beschouwd. De meerderheid van deze ‘evangeliën’ zijn echter geschreven generaties na de dood van de apostelen. Van de paar documenten die wellicht in de eerste eeuw gedateerd kunnen worden, geven de recentelijk gevonden teksten uit de vierde eeuw duidelijke aanwijzingen van aanpassingen gedurende de vertalingen door niet-christelijke (met name gnostische) groepen.
(2) Diverse belangrijke details van beschreven gewoonten, gebeurtenissen en locaties van verhalen uit het Oude en Nieuwe Testament zijn bevestigd door talrijke significante archeologische vondsten van met name de laatste vijftig jaar. En wellicht nog belangrijker: er is geen enkele archeologische vondst gedaan die onweerlegbaar een verslag uit de Bijbel tegenspreekt.
(3) Een analyse van de samengestelde symbolen in de oudste geschreven taal in de wereldgeschiedenis, het Chinees, toont een opzienbarende overeenkomst met de gebeurtenissen die zijn vastgelegd in de eerste hoofdstukken van het boek Genesis.
(4) De geschriften van meer dan tien niet-christelijke auteurs en historici uit de eerste eeuw bevestigen veel van de gebeurtenissen zoals beschreven in het Nieuwe Testament, inclusief meerdere verwijzingen naar details van de kruisiging van Jezus.
(5) Gedetailleerde analyse van de evangelieteksten gebaseerd op algemeen geaccepteerde criteria voor eerlijke en betrouwbare getuigenis, toont de waarheidsgetrouwe bedoelingen van de schrijvers van de evangeliën. Zij beschrijven de gebeurtenissen zoals zij ze zich die herinnerden, inclusief de vermelding van onbelangrijke details, zonder overdrijvingen en zonder pogingen om schadelijke informatie over zichzelf te vermijden.
Omdat de originele manuscripten van de Bijbelboeken niet meer bestaan en omdat we geen gedetailleerde en nauwkeurige buitenbijbelse bevestigingen bezitten van alle gebeurtenissen die zo lang geleden plaatsvonden, is het technisch niet mogelijk om onomstotelijk te bewijzen dat de Bijbel honderd procent historisch betrouwbaar en nauwkeurig is. We bezitten echter wél een indrukwekkend aantal aanwijzingen, details en waarnemingen vanuit archeologische ontdekkingen en (wereldlijke) geschiedenis die keer op keer de juistheid van de verslagen bevestigen. Deze bewijzen maken de Bijbel niet alleen werkelijk uniek in vergelijking met alle andere oude (religieuze) teksten, maar zijn ook een overtuigend argument dat de Bijbelse teksten nauwkeurig bewaard gebleven zijn en geschreven zijn door de beweerde auteurs. Deze bewijzen geven een gedegen basis om te concluderen dat de Bijbel niet alleen historisch nauwkeurig en betrouwbaar is, maar tevens een waarheidsgetrouwe en eerlijke getuigenis.

Windmill Ministries
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu