5.4 Auteurschap en datering van de brieven van Paulus - Gefundeerd Geloof

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Is de Bijbel waar? > Auteurschap v/h NT
☼ Bewijsstuk 13: Auteurschap en datering van de brieven van Paulus
De vroegst geschreven boeken in het Nieuwe Testament zijn de brieven die Paulus heeft gericht aan de gemeenten die hij had gesticht en aan enkelen van zijn persoonlijke discipelen. De evangeliën geven ons details over de bediening van Jezus en over zijn onderwijs, maar de brieven van Paulus bevestigen de belangrijkste gebeurtenissen die we over Jezus weten: zijn geboorte en genealogie tot aan zijn kruisiging en opstanding.
Paulus heeft dertien brieven bijgedragen aan het Nieuwe Testament die door de geschiedenis van het christendom heen onbetwist zijn geweest. Moderne – meer sceptische – Bijbelgeleerden hebben nieuwe aanvallen op Paulus gericht door te beweren dat sommige van de brieven misschien niet door hemzelf zijn geschreven, maar door iemand die nauw met hem samenwerkte. Volkomen onbetwist zijn en blijven 1 Tessalonicenzen, Galaten, 1 en 2 Korintiërs, Romeinen, Filippenzen en Filemon.
Een kort overzicht van de externe en interne bewijzen:
 
Externe bewijzen
• Clemens van Rome getuigde in ca. 95-97 n.Chr.: ‘Vanwege afgunst verkreeg Paulus ook de beloning voor geduldige verdraagzaamheid, nadat hij zeven keer gevangen was genomen, gedwongen was om te vluchten en was gestenigd. Na het prediken in zowel het oosten als het westen heeft hij de illustere reputatie verdiend dankzij zijn geloof de hele wereld rechtvaardigheid geleerd te hebben, en gekomen te zijn tot de uiterste grenzen van het westen en een marteldood gestorven te zijn onder de handen van de prefecten.’
• Ignatius schreef aan de Romeinen in ca. 105-107 n.Chr.: ‘Ik mag misschien een offer voor God zijn. Ik zal niet, zoals Petrus en Paulus doen, geboden aan jullie opleggen. Zij waren apostelen van Jezus Christus, maar ik ben de minste (van de gelovigen): zij waren vrij.
• Polycarpus in zijn brief aan de Filippenzen in ca. 115 n.Chr.: ‘Want noch ik, noch iemand anders kan tippen aan de wijsheid van de gezegende en verheerlijkte Paulus. Hij die, terwijl hij bij jullie was, nauwkeurig en standvastig het woord van waarheid onderwees in aanwezigheid van degenen die toen nog leefden. En als hij niet bij jullie was, schreef hij jullie een brief.’
 
Interne aanwijzingen
• De openingsverzen in elke brief verwijzen naar Paulus als de auteur.
• 2 Petrus 3:15-17: ‘En houdt de lankmoedigheid van onze Here voor zaligheid; zoals ook onze geliefde broeder Paulus naar de hem gegeven wijsheid u geschreven heeft, evenals in alle brieven, wanneer hij over deze dingen spreekt. Daarin is een en ander moeilijk te verstaan, wat de onkundige en onstandvastige lieden tot hun eigen verderf verdraaien, evenals trouwens de overige schriften. Geliefden, daar gij het nu van tevoren weet, weest op uw hoede, dat gij niet, door de dwaling der zedelozen medegesleept, afvalt van uw eigen standvastigheid.’ Als Petrus de auteur van 2 Petrus was, zou deze brief voor 65 n.Chr. gedateerd moeten zijn. De meeste kritische Bijbelgeleerden dateren 2 Petrus in de vroege tweede eeuw en beschouwen dit als het laatste nieuwtestamentische boek dat is geschreven. Zij geloven dat een onbekende schrijver Petrus’ auteurschap heeft toegevoegd om zijn werk de autoriteit en traditie van een gerespecteerde christelijke leider te geven.
 
Omdat we het bewijs onderzoeken dat de Bijbel, en dan met name de aanspraken over Jezus van Nazaret, historisch betrouwbaar en solide zijn, concentreert onze discussie zich op de vier brieven die de feiten en bewijzen voor deze zaak aangeven. Deze zijn:
 
1 Tessalonicenzen. Paulus identificeert zichzelf als de auteur (1 Tessalonicenzen 1:1, Paulus met Silvanus, en Timotëus), als hij deze brief schrijft vanuit Korinte gedurende zijn tweede zendingsreis. Zijn auteurschap is onbetwist. De combinatie van de brede acceptatie dat de brief inderdaad van Paulus is, de inhoud van de brief zelf en de datum van Paulus’ ontmoeting met Gallio in Korinte (Handelingen 18:14), maken een datum van 50-51 n.Chr. realistisch.
Galaten. Galaten 1:1 identificeert Paulus als de onbetwiste auteur. Over de exacte datum van deze brief bestaan onder de Bijbelgeleerden grote verschillen van mening, variërend van 49 n.Chr. tot het eind van Paulus’ zendingsreizen in ongeveer 59 n.Chr. Galaten is hoogstwaarschijnlijk vanuit Antiochië geschreven aan de vooravond van het Apostelconvent in Jeruzalem, dat gewoonlijk in 49 of 50 n.Chr. wordt gedateerd.
1 Korintiërs. Uitgebreide bevestigingen voor Christus’ leven en opstanding komen van deze brief die rotsvaste, vroeg gedateerde, onbetwiste uitspraken doet over de opstanding, die we in latere hoofdstukken zullen bespreken. Het belang van deze brief kan niet genoeg worden benadrukt. Het is een van de onbetwiste documenten die door de apostel Paulus (1 Korintiërs 1:1 –  samen met Sosthenes) is geschreven. Terwijl hij in Efeze verbleef gedurende zijn derde zendingsreis (53-56 n.Chr.), hoorde Paulus verontrustend nieuws over de gemeente in Korinte, die hij een jaar of twee eerder had bezocht. Paulus schreef meerdere brieven aan de kerk in Korinte. Men denkt dat de eerste brief verloren is gegaan en dat 1 Korintiërs (geschreven in 54 of 55 n.Chr.) dus eigenlijk zijn tweede brief is.
Romeinen. Romeinen werd geschreven door ‘Paulus, een dienstknecht van Christus Jezus, een geroepen apostel, afgezonderd tot verkondiging van het evangelie van God’ (Romeinen 1:1). Dankzij het boek Handelingen weten we dat deze brief was samengesteld tussen de tijd dat Gallio stadhouder van Achaje was (Handelingen 18:12,14 en 17) en de vervanging van Felix door Festus als stadhouder in Palestina (24:27). Dit plaatst Romeinen tussen 54-58 n.Chr. met een waarschijnlijke datum van 56 n.Chr.

Windmill Ministries
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu