4.3 Psalm 22 als Messiaanse Profetie - Gefundeerd Geloof

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Is Jezus God? > Messiaanse Profetieen
Psalm 22 als Messianic Profetie
Zowel Marcus 15:34 als Matteüs 27:46 vermeldt dat Jezus aan het kruis uitriep: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?’ Het is fascinerend om te beseffen dat deze woorden een letterlijke aanhaling zijn van het eerste vers van Psalm 22, die duizend jaar eerder door David was geschreven. De Bijbel vertelt ons weinig over de omstandigheden waaronder David deze psalm schreef, maar het is duidelijk dat hij zich verlaten en wanhopig voelde op dat moment. Ondanks zijn wanhoop echter vond David kracht in de waarheid dat God nog steeds zijn God was en verloor hij zijn hoop en geloof niet.

Sommige van de beschrijvingen in Psalm 22 zijn niet te verklaren uit de ervaringen van David zelf. Uit het leven van David zijn geen gebeurtenissen bekend die overeenkomen met de woorden van deze psalm. Ze worden echter wel letterlijk door het lijden van Jezus vervuld. De tekst van Psalm 22 beschrijft de details van een kruisiging in verbazingwekkend nauwkeurig detail. Dit is zelf nog fascinerender als we ons realiseren dat in de dagen van David mensen ter dood werden gebracht door steniging. De dood door kruisiging werd pas zeshonderd jaar later uitgevonden – ongeveer vierhonderd jaar vóór de geboorte van Christus.

Profetie in Psalm 22

Vervulling

2

“Mijn God, mijn God! waarom hebt Gij mij verlaten”

Matthëus 27:46: “En omtrent de negende ure riep Jezus met een grote stem zeggende: ELI, ELI, LAMA SABACHTHANI! dat is: Mijn God! Mijn God! Waarom hebt Gij Mij verlaten!

Zie ook Marcus 15:34.

7-9

“Maar ik ben een worm en geen man, een smaad van mensen, en veracht van het volk. Allen, die mij zien, bespotten mij; zij steken de lip uit, zij schudden het hoofd, zeggende: Hij heeft het op den HEERE gewenteld, dat Hij hem nu uithelpe, dat Hij hem redde, dewijl Hij lust aan hem heeft!

Lucas 23:35-39: “En ook de oversten met hen beschimpten Hem, zeggende: Anderen heeft Hij verlost, dat Hij nu Zichzelven verlosse, zo Hij is de Christus, de Uitverkorene Gods. En ook de krijgsknechten…zeiden: Indien gij de Koning der Joden zijt, zo verlos Uzelven…En een der kwaaddoeners, die gehangen waren, lasterde Hem, zeggende: Indien Gij de Christus zijt, verlos Uzelven en ons.”

15

“Ik ben uitgestort als water, en al mijn beenderen hebben zich vaneen gescheiden; mijn hart is als was, het is gesmolten in het midden mijns ingewands.”

Johannes 19:34: “Maar een der krijgsknechten doorstak Zijn zijde met een speer, en terstond kwam er bloed en water uit.

16

“Mijn kracht is verdroogd als een potscherf, en mijn tong kleeft aan mijn gehemelte; en Gij legt mij in het stof des doods.”

Johannes 19:28: “Hierna Jezus, wetende, dat nu alles volbracht was, opdat de Schrift zou vervuld worden, zeide: Mij dorst.”

 

17

“Want honden hebben mij omsingeld; een vergadering van boosdoeners heeft mij omgeven; zij hebben mijn handen en mijn voeten doorgraven.”

Lucas 23:33: “En toen zij kwamen op de plaats genaamd Hoofdschedel plaats, kruisigden zij Hem aldaar, en de kwaaddoeners, den een ter rechter zijde en den ander ter linker zijde.

Zie ook Johannes 20:25.

18

“Al mijn beenderen zou ik kunnen tellen; zij schouwen het aan, zij zien op mij.”

Lucas 23:35: “En het volk stond en zag het aan. En ook de oversten met hen beschimpten Hem.”

19

“Zij delen mijn klederen onder zich, en werpen het lot over mijn gewaad.”

Johannes 19:23-24: “De krijgsknechten dan, als zij Jezus gekruist hadden, namen Zijn klederen, (en maakten vier delen, voor elken krijgsknecht een deel) en den rok. De rok nu was zonder naad, van boven af geheel geweven. Zij dan zeiden tot elkander: Laat ons dien niet scheuren, maar laat ons daarover loten, wiens die zijn zal; opdat de Schrift vervuld worde, die zegt: Zij hebben Mijn klederen onder zich verdeeld, en over Mijn kleding hebben zij het lot geworpen. Dit hebben dan de krijgsknechten gedaan.

Lees verder over: Isaiah 53
Windmill Ministries
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu